0

Amsterdam – Schat, wat eten we vanavond? Weet ik veel… Ik vraag me vaak af hoe anderen dat doen…

Ik stond in de rij te wachten bij de kassa van de supermarkt om de hoek. Terwijl de minuten traag wegtikte, irriteerde ik me mateloos aan de heer achter me in de rij. Hij was mobiel aan het bellen met zijn Oma wiens gehoor duidelijk zijn beste tijd had gehad… We stonden idioot lang in de rij, omdat er een ruzie was uitgebroken vooraan bij de kassa omdat het kassameisje nog nooit eerder een kassarol had verwisseld. Blijkbaar vond een andere man die (bijna) vooraan in de rij stond dat hij lang genoeg had gewacht. Hij duwde een aantal wachtende mensen opzij en besloot vooraan de rij te gaan staan. “He meneer! Dat gaat zomaar niet” zei het jongste gozertje uit de kassa rij. Op zijn skateboard leunend met een (veel te) grote zak Croky paprika chips en een blikje dr. Pepper eiste hij zijn plek in de rij terug van de voordringer. De voordringer, een ogenschijnlijk ‘normale’ man vertrok geen spier en bleef staan. Het piepjonge ventje twijfelde geen seconde en gaf zijn dr. Pepper en zak Croky aan mij “Kunt u dit even vasthouden?” Ik liet de U maar even voorbijgaan en pakte zijn boodschappen aan. Het ventje verontschuldigde zich tegenover het kassameisje, en klom bovenop de kassa.  Het ventje schraapte zijn keel, en vroeg om ieders aandacht. Beetje overbodig, maar goed, wel beleefd dat hij het vroeg natuurlijk.
Het ventje torende hoog boven de rij van de kassa uit en verkondigde luidkeels dat hij van zijn moeder heeft geleerd om mensen te behandelen zoals hij dat zelf ook zou wensen. “En deze meneer,” -hij wees met zijn wijsvinger versierd met een afgekloven nagel- “doet dat niet! Hij dringt voor omdat ik nog maar een kind ben. Nou dat pik ik dus niet! Wat zullen we met hem doen…?” Voordat iemand hem kon antwoorden werd hij door een heer in pak van de kassa afgetild. De heer had een naambordje opgespeld “manager” stond erop. Het kleine ventje werd abrupt de supermarkt uitgegooid met de boodschap niet meer terug te komen, anders zou de politie het hem duidelijk maken. De hele rij protesteerde. De “manager” die direct zijn oordeel klaar had, had er geen oor naar… Managen is toch lastig, zo blijkt. Maarja ik stond nog steeds met het blikje dr. Pepper en Croky chips in mijn handen. Ondertussen ging kassa 12 open. Ik was de 1e en rekende dat blikje en de chips ook af. Als ik dat kereltje buiten zou treffen dan boft hij, anders krijg ik het zelf ook wel op. Terwijl ik naar buiten liep, liep de voordringer mij met een abrupte tik tegen mijn schouders bijna omver. De luidruchtige beller die net zijn gsm gesprek met oma had afgekapt schold –namens mij- de voordringer nog even uit. Ik dankte hem voor zijn steun en liep naar buiten. Daar stond het ventje, samen met een groep van 5 of 6 misschien wel 7 vriendjes. Allen met een enorm grote grijns op hun smoelwerk. De voordringer stond er ook, helemaal doorweekt. Van kruin tot tenen, kletsnat. Ik keek de jochies vragend aan en zag toen de kapot gesplashte waterballonnen op de vloer rondom de voordringer. Ik kon een grinnik niet onderdrukken. Het jochie zag de Croky chips en het blikje dr. Pepper in mijn handen en begon te glunderen. Ik overhandigde hem de chips en wilde doorlopen. Voordat ik de kans kreeg om me om te draaien werd mijn boodschappentas uit mijn handen gegraaid door het ventje “een echte dame hoeft geen zware tassen te tillen”. Ik stond perplex. Ging dit ventje van 12 nou echt mijn boodschappen naar huis brengen? “Ik woon op 3 hoog hoor” bereidde ik hem voor. “Geeft niet mevrouw, u helpt mij, ik help u”. Het was zo zoet, dat ik het feit dat hij ‘mevrouw’ en ‘u’ tegen me zei, maar even liet voor wat het was.

Love, Anique

Volg Anique van der Hulst ook op Twitter

Reageer op dit artikel
Annicvw.com  (ILFN)

Door Annicvw.com (ILFN) op

Lees meer artikelen van Annicvw.com

Read next…

Reacties